Nederlandse Aardappel Organisatie

NAO

Het behartigen van de belangen van Nederlandse handelaren in consumptie- en pootaardappelen, voornamelijk op nationaal niveau en in sommige gevallen op Europees niveau.

Lobbying Activity

Response to Revision of the plant and forest reproductive material legislation

6 Dec 2023

Feedback of the Dutch Potato Organisation, organisation of Dutch potato merchants.
Read full response

Response to Measures related to Synchytrium

7 Jan 2022

De voorgestelde verordening voor wratziekte schrijft voor dat oogst van besmette percelen moet worden gewassen of geborsteld. Wassen of borstelen van oogst product is niet praktisch. Voorstelbaar is om hier wat ruimte te creëren in maatregelen, bijvoorbeeld door schoonmaken met luchtdruk, of met algemenere omschrijving dat de teler maatregelen moet nemen om de risico’s te verminderen. We waarderen de mogelijkheid die Annex I biedt voor het gebruik van drie verschillende toetsen: Glynne-Lemmerzahl, SASA en Spieckermann. Dit biedt flexibiliteit en de mogelijkheid om de meest geschikte toets per situatie te gebruiken.
Read full response

Response to Measures related to Ralstonia

5 Jan 2022

De bruinrot verordening gaat uit van uitroeiing. Dit geldt ook voor al het oppervlaktewater. Dit is niet reëel.
Read full response

Response to Measures related to Globodera

5 Jan 2022

De Nederlandse Aardappel Organisatie (NAO) is de branchevereniging voor handelaren in consumptie- en pootaardappelen. De concept-verordening gaat uit van het uitroeien van Globodera pallida en Globodera rostoniensis,. Uitroeien is onmogelijk. Dit blijkt uit studies van EFSA. De nematoden zijn wijd verbreid in de Europese Unie. Notificaties, bij bijvoorbeeld export naar Derde Landen en in pootgoed, komen nagenoeg niet voor. De focus op uitroeiing doet geen recht aan de huidige controlemaatregelen van telers. De onhaalbare doelstelling, leidt tot demotivatie bij stakeholders. Vraag is zelfs of de twee nematoden niet gezien moeten worden als RNQP’s. De nieuwe verordening mag geen kapstok worden voor steeds strenger beleid dat een onhaalbaar doel nastreeft. De keuze voor uitroeien is niet gebaseerd op een evaluatie van de huidige bestrijdingsrichtlijn. Wij pleiten voor een grondige evaluatie van de huidige richtlijn voordat gekozen wordt voor een nieuwe verordening. De verordening benoemt als onderdeel van een controleprogramma voor besmette percelen bedoeld voor consumptieaardappelen, het gebruik van de hoogst mogelijke beschikbare resistente aardappelrassen (resistentie 8 of 9). Het verplicht gebruiken van dergelijke hoog resistent rassen beperkt de rassenkeus. Dit leidt tot monocultuur. Een monocultuur van hoog resistente rassen zet de uitselectie van virulentere Globodera-populaties op maximaal. In de annex ontbreekt een toetsmethode die onderscheid maakt naar levende en dode cysten. Het kunnen onderscheiden is bijvoorbeeld noodzakelijk na het toepassen van een bestrijdingsmaatregel. De cysten zijn door de maatregel gedood, maar de omhulsels van de dode eitjes blijven in de grond. In dat geval geeft een toets zonder onderscheidend vermogen aan dat genetisch materiaal aanwezig is, terwijl de cysten dood zijn. Dode cysten leiden niet tot aantasting van gewassen. De concept-verordening noemt een aantal mogelijkheden om van de besmette status af te komen (artikel 12.2). Hier zien we bovendien graag vermeld een bepaling dat ook andere effectief gebleken methoden voor anaerobe grondontsmetting (ASD, Anaerobic Soil Desinfestation) als maatregel (later) toegevoegd kunnen worden. De verordening verplicht een survey voor een half procent van het consumptie- en zetmeelareaal. De teler krijgt bij vondsten officiële maatregelen opgelegd. Voor deze twee teelten zien we het beheersen van Globodera echter als een verantwoordelijkheid voor de teler. Annex IV is een template voor de surveys. Volgens onze informatie is dat de template voor ringrot en bruinrotonderzoek, en niet de template voor de surveys voor Globodera.
Read full response